Cabernet Sauvignon is een krachtige blauwe druif met stevige tannines, frisse zuren en aroma’s van cassis, donker fruit, cederhout en kruiden — intens in zijn jeugd en bijzonder geschikt om te rijpen.
Oorsprong & verhaal
Cabernet Sauvignon ontstond waarschijnlijk in de zeventiende eeuw in het zuidwesten van Frankrijk als een natuurlijke kruising tussen Cabernet Franc en Sauvignon Blanc. Deze onverwachte afkomst werd in 1997 door DNA-onderzoek van UC Davis bevestigd.
De druif heeft kleine bessen met een relatief dikke schil. Daaruit haalt de wijn zijn diepe kleur, uitgesproken tannines en stevige structuur. Cabernet Sauvignon rijpt laat en heeft daarom voldoende warmte en zon nodig om volledig volwassen te worden.
Zijn historische thuis ligt in Bordeaux, vooral op de warme, goed drainerende grindbodems van de linkeroever. Daar wordt hij meestal gecombineerd met Merlot, Cabernet Franc, Petit Verdot en soms Malbec. Cabernet Sauvignon geeft de blend structuur en bewaarpotentieel, terwijl Merlot voor zachtheid en rondheid zorgt.
Vanuit Bordeaux verspreidde de druif zich over bijna de volledige wijnwereld. Tegenwoordig kan Cabernet Sauvignon zowel klassieke, elegante wijnen als krachtige, rijpe en fruitige stijlen voortbrengen.
Verschillende stijlen
In een koeler klimaat toont Cabernet Sauvignon frisse zuren, stevige tannines en aroma’s van cassis, kruiden, munt, grafiet en soms groene paprika.
In warmere gebieden worden de wijnen rijper en voller, met smaken van braam, zwarte kers, pruim en zoete specerijen. Het alcoholgehalte kan daar eveneens hoger zijn.
Rijping op eikenhout voegt vaak aroma’s van ceder, vanille, tabak, koffie en chocolade toe. Jonge wijnen kunnen streng en gesloten overkomen, maar worden zachter en complexer met de tijd.
Cabernet Sauvignon verschijnt zowel als cépagewijn als onderdeel van een blend. De klassieke Bordeaux-combinatie met Merlot wordt tegenwoordig overal ter wereld toegepast.
Belangrijke wijngebieden
Bordeaux – Médoc en Graves
Pauillac, Margaux en Saint-Estèphe
Napa Valley en Sonoma in Californië
Coonawarra en Margaret River in Australië
Maipo Valley en Colchagua in Chili
Stellenbosch in Zuid-Afrika
Toscane en de bekende Supertuscans
Mendoza in Argentinië
Foodpairing
De tannines van Cabernet Sauvignon komen het mooist tot hun recht bij gerechten met voldoende structuur, vet of eiwitten.
Hij combineert goed met:
gegrild rundvlees en steak;
lamskoteletjes en lamsspiesjes;
langzaam gegaard vlees;
albóndigas in een krachtige saus;
chorizo en gerookte vleeswaren;
gegrilde paddenstoelen;
manchego en andere gerijpte harde kazen;
tapas met geroosterde paprika en kruidige vleessauzen.
Lichte visgerechten en zeer delicate hapjes worden gemakkelijk door de wijn overheerst.
Serveren & bewaren
Serveer Cabernet Sauvignon bij ongeveer 16–18 °C in een ruim glas dat voldoende lucht bij de wijn laat komen.
Een jonge, krachtige Cabernet kan baat hebben bij één tot twee uur karafferen. Hierdoor worden de aroma’s toegankelijker en voelen de tannines zachter aan.
Eenvoudige, fruitige stijlen kunnen jong worden gedronken. Goede Cabernet Sauvignon uit Bordeaux, Napa Valley en andere kwaliteitsgebieden kan tien tot twintig jaar of langer rijpen. Met de tijd ontwikkelen zich aroma’s van leer, tabak, bosgrond, gedroogd fruit en cederhout.
Wijnen van Cabernet Sauvignon
Binnenkort vind je hier onze selectie wijnen van dit druivenras.